# Farmacotherapie van het delirium

> Hervormde tekstversie van de FTOnline-module "Farmacotherapie van het delirium"; DSM-5-criteria, CBO-behandelalgoritme, haloperidol-doseringen, casuïstiek dhr. de Boer.

> **Bron:** FTOnline / Master Pro: master Geneeskunde, 1e jaar (VU Amsterdam). <br />
> 
> **Auteurs:** Drs. Ing. R. Mangon · Drs. J.J. Sikkens · Drs. H.M. Heller ·
> Prof. Dr. Th.P.G.M. de Vries · Drs. C.J.L.H. Camps.

<warning>

Doseringen en algoritme volgen de **CBO-richtlijn Delirium 2005** zoals
gebruikt in deze module. Voor actueel klinisch handelen; consulteer
[NVKG-richtlijn Delier 2020](https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/delier_volwassenen_en_ouderen/startpagina.html) en [FK-haloperidol](https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/preparaatteksten/h/haloperidol). Voor
huisartsgeneeskundig perspectief: zie [Aandoeningen → Delier](/aandoeningen/delier).

</warning>

## Leerdoelen

De student heeft kennis van:

- pathofysiologie, klinisch beeld en prognose van het delirium
- indeling in drie subtypes (hyperactief, hypoactief, gemengd)
- therapeutische doelen bij delier
- typische versus atypische antipsychotica
- standaardtherapie bij delier

## Kernpunten

- Delier is een **organische psychiatrische stoornis**: altijd gevolg van
een lichamelijke oorzaak, intoxicatie of onthouding.
- Acuut begin, **fluctuerend** beloop, bewustzijnsstoornis als kern.
- Differentieer van dementie op tijdsverloop, bewustzijnsniveau en
plukkerigheid; niet op vergeetachtigheid of oriëntatie.
- **Causale behandeling staat voorop**; antipsychotica zijn symptomatisch.
- Eerste keus medicamenteus: **haloperidol** (klassiek antipsychoticum).
- Contra-indicaties haloperidol: ziekte van Parkinson en
Lewy-lichaampjes-dementie; dan atypisch.
- Bij alcoholonthouding: **vitamine B1 parenteraal** + benzodiazepine.
- Therapeutisch doel:

  - opheffen delirante staat door behandelen van de onderliggende oorzaak.
  - symptoomcontrole: voorkomen van angst, schade of gevaar; mogelijk
  maken van diagnostiek of behandeling.

## Klinisch Beeld

Bron: [*Leerboek Psychiatrie*](https://www.boomhogeronderwijs.nl/product/100-7430_Leerboek-psychiatrie) (Hengeveld & van Balkom).

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Domein
    </th>
    
    <th>
      Kenmerken
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Bewustzijnsstoornis
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Veranderd bewustzijn, gestoorde aandacht, verhoogde of verminderde alertheid
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Desoriëntatie
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      In tijd en plaats; misidentificatie van vertrouwde personen
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Geheugenstoornis
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Korte-termijngeheugen, wisselende amnesie, onbetrouwbare anamnese, confabulaties
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Waarnemingsstoornis
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Visueel (ook akoestisch/haptisch); illusoire vervalsingen, hallucinaties; vooral 's nachts
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Denkstoornis
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Verward, vertraagd of versneld; achterdocht, paranoïde wanen; verlies oordeelsvermogen
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Stemming
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Labiel affect: angstig/radeloos, somber, geprikkeld, inadequaat opgewekt
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Psychomotoriek
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Onrust en plukkerigheid (hyperactief) <strong>
        óf
      </strong>
      
       apathie en teruggetrokken (hypoactief); verstoord slaap-waak
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        Autonoom
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Sympathische overactiviteit: tremor, tachycardie, hypertensie, transpiratie, incontinentie
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

### Drie subtypes

- **Hyperactief delier**: agitatie, plukkerigheid, hypervigilantie
- **Hypoactief delier**: sufheid, apathie, intrekking; vaak gemist
- **Gemengd delier**: afwisseling van beide

<tip>

Een georiënteerde patiënt **op één moment** sluit delier niet uit; beloop
fluctueert. Vraag verpleging naar gedrag in de uren ervoor.

</tip>

## Diagnostiek

### DSM-5-criteria

1. **Bewustzijnsstoornis**: verminderd besef van de omgeving, met
verminderd vermogen aandacht te concentreren, vast te houden of te
verplaatsen.
2. **Verandering in cognitieve functie** (geheugen, oriëntatie, taal) óf
nieuwe waarnemingsstoornis, niet beter verklaard door reeds bestaande of
ontwikkelende dementie.
3. **Acute ontwikkeling** (uren tot dagen) met **fluctuerend beloop**
over de dag.
4. **Aanwijzingen** uit anamnese, lichamelijk onderzoek of laboratorium
voor een somatische oorzaak, intoxicatie of onthouding.

### Differentiatie delier vs. dementie

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Vraag
    </th>
    
    <th>
      Discrimineert?
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      Is de verwardheid acuut begonnen, of al langer vergeetachtig?
    </td>
    
    <td>
      ✅
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Is de patiënt alert, of wisselend bewustzijn?
    </td>
    
    <td>
      ✅
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Zijn er hallucinaties?
    </td>
    
    <td>
      ✅
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Is de patiënt plukkerig?
    </td>
    
    <td>
      ✅
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Hoe lang is de patiënt opgenomen?
    </td>
    
    <td>
      ❌
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Hoe oud is de patiënt?
    </td>
    
    <td>
      ❌
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Weet de patiënt welke dag het is?
    </td>
    
    <td>
      ❌
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Is er sprake van vergeetachtigheid?
    </td>
    
    <td>
      ❌
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

<note>

Vergeetachtigheid en desoriëntatie komen bij **beide** voor; daarom géén
goede discriminator. **Acuut begin + fluctuerend bewustzijn** zijn dat wél.

</note>

### Aanvullend onderzoek

Standaardpakket bij delier-presentatie (UpToDate-algoritme):

- Lab: CBC, glucose, elektrolyten, creatinine, ureum (BUN), calcium,
urineanalyse, pulse-oximetrie
- ECG: vóór start haloperidol vanwege `QTc`-risico
- Op indicatie:

  - **CT-cerebrum** bij trauma of focale afwijking
  - **Lumbaalpunctie** bij onverklaarde koorts of nekstijfheid
  - **Vitamine B12 / foliumzuur**, schildklier, EEG, MRI,
  geneesmiddelenspiegels, toxicologisch screen bij geen duidelijke etiologie

## Epidemiologie

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Populatie
    </th>
    
    <th>
      Incidentie / prevalentie
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      Ouderen in ziekenhuis
    </td>
    
    <td>
      <em>
        30-50%
      </em>
      
       krijgt delier
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Algemene ziekenhuisopnames (alle leeftijden)
    </td>
    
    <td>
      <em>
        10%
      </em>
      
       overall incidentie
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Algemeen ziekenhuis (prevalentie)
    </td>
    
    <td>
      <em>
        10-30%
      </em>
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Post-operatief chirurgisch
    </td>
    
    <td>
      tot <em>
        50%
      </em>
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Gevorderde kanker
    </td>
    
    <td>
      tot <em>
        85%
      </em>
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Kankerpatiënten (algemeen)
    </td>
    
    <td>
      <em>
        25-40%
      </em>
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Terminale patiënten (vóór overlijden)
    </td>
    
    <td>
      tot <em>
        80%
      </em>
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

### Risicofactoren

- **Leeftijd**: sterkste bekende risicofactor
- **Dementie**: *41%* van mensen met dementie heeft delier bij opname; <br />

*25%* van delier-opnames blijkt later dementie te hebben
- Ernstige ziekte; visus- en gehoorstoornissen; ADL-stoornissen
- Alcohol- en opioïdgebruik

## Etiologie

Pathofysiologie is grotendeels onbekend. Twee dominante hypotheses.

### Neurotransmitterhypothese

- Gestoorde neurotransmitter-balans door verminderd oxidatief
metabolisme in de hersenen (bv. hypoglykemie).
- **Anticholinerge geneesmiddelen** zijn aangetoond geassocieerd met
cognitieve achteruitgang en delier.
- Verminderde cholinerge activiteit bij ouderen en dementie verklaart
hun kwetsbaarheid.

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Neurotransmitter
    </th>
    
    <th>
      Activiteit bij delier
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      Acetylcholine
    </td>
    
    <td>
      ↓ (afname; kernrol)
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Dopamine
    </td>
    
    <td>
      ↑
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Noradrenaline
    </td>
    
    <td>
      ↑
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Glutamaat
    </td>
    
    <td>
      ↑
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Serotonine
    </td>
    
    <td>
      ↑ óf ↓
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      GABA
    </td>
    
    <td>
      ↑ óf ↓
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

### Ontstekingshypothese

Cytokinen (interleukinen, interferon, tumornecrosefactoren) spelen een
rol; relevant bij infectie, post-operatief, terminale ziekte.

## Behandeling

### Basisprincipes

1. **Identificeer en behandel onderliggende somatische oorzaak**.
2. Vermijd uitlokkende of verergerende factoren.
3. Voorkom verdere fysieke en cognitieve achteruitgang met goede zorg.
4. Controleer of behandel gevaarlijk of verstorend gedrag.

### Niet-medicamenteus

<tip>

Niet-medicamenteuze maatregelen zijn **altijd** geïndiceerd; ook als je
besluit te starten met haloperidol.

</tip>

- Hydratie handhaven; dehydratie corrigeren
- Mobiliseren: geen fixatie/restraints tenzij strikt noodzakelijk
- Geluid en prikkels reduceren; rustige omgeving
- Oriëntatie-prikkels: raam, klok, kalender, dag-/datumbord
- Bril en gehoorapparaat aanbieden
- Familie betrekken; geruststellen
- Bedside sitter overwegen
- Letten op complicaties:

  - ondervoeding · dehydratie · vallen · urineretentie ·
  incontinentie · decubitus · contracturen

### Medicamenteus: CBO-behandelalgoritme

<caution>

Onderstaand schema vat het CBO-2005-algoritme tekstueel samen.
**Per situatie** kies je de tak (somatisch / Parkinson / onthouding /
intoxicatie). Het is geen volgorde-protocol.

</caution>

#### A: Geen leverinsufficiëntie

1. **Haloperidol**: zie [doseringsschema](#doseringsschema-haloperidol)
2. Bij onvoldoende sedatie / autonome hyperactiviteit: **diazepam-loading**`2 mg i.m./i.v.` per `½ uur` tot sedatie bereikt, max `100 mg`
3. Bij onvoldoende effect → additie:

  - **lorazepam** `0,5-2 mg` (oraal of parenteraal), **of**
  - **oxazepam** `10-200 mg` (oraal)

#### B: Leverinsufficiëntie

1. **Haloperidol**: zie doseringsschema
2. Bij onvoldoende sedatie / autonome hyperactiviteit: **lorazepam-loading**`2 mg i.m./i.v.` per `½ uur` tot sedatie bereikt, max `20 mg`*(lorazepam i.p.v. diazepam: korte halfwaardetijd, geen actieve
metabolieten)*

#### C: Onthouding van alcohol

1. **Vitamine B1 100-250 mg parenteraal** als B-combinatiepreparaat
2. Op geleide van lever(in)sufficiëntie: haloperidol; zie tak A of B

#### D: Onthouding van andere middelen

- Zo nodig symptomatisch behandelen.

#### E: Ziekte van Parkinson

<warning>

**Haloperidol is hier gecontra-indiceerd**; verergert parkinsonisme.

</warning>

1. Parkinson-medicatie saneren **in overleg met neuroloog**
2. Geen effect → overweeg:

  - **clozapine in lage dosering**, of
  - **olanzapine of quetiapine**, of
  - **cholinesteraseremmer** (bv. rivastigmine)

#### F: Pre-existente cognitieve achteruitgang (dementie)

1. **Haloperidol**: zie doseringsschema
2. Onvoldoende effect → eventueel **cholinesteraseremmer**, bv.
**rivastigmine**

#### G: Intoxicatie door middel(en)

1. Middel staken
2. Zo nodig symptomatisch behandelen
3. Bij persisteren → andere diagnose overwegen

#### H: Intoxicatie door anticholinerg middel

1. Middel staken
2. **Lichte tot matig ernstige** symptomen → **Diazepam** `10 mg / 4 uur`
tot effect, daarna staken
3. **Matig ernstig tot ernstig** → **Fysostigmine** `1-2 mg i.v.`
(effect na *30-60 min*); ECG-monitoring op IC noodzakelijk

#### Ernstige extrapiramidale bijwerkingen

- Haloperidol verlagen
- Overweeg: atypisch antipsychoticum / trazodon / cholinesteraseremmer

#### Bij effect en stabiel klinisch beeld

- Medicatie geleidelijk afbouwen.

### Doseringsschema haloperidol

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Ernst / omstandigheid
    </th>
    
    <th>
      Dosering haloperidol per 24 uur
    </th>
    
    <th>
      Co-medicatie
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      Licht tot matig ernstig delirium
    </td>
    
    <td>
      <code>
        0,5-5,0 mg
      </code>
      
       per os, <strong>
        1-2 dd
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      bij onvoldoende sedatie: lorazepam <code>
        0,5-2 mg/dag
      </code>
      
       (PO/IM/IV)
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Ernstig delirium, malabsorptie, of snelle werking gewenst
    </td>
    
    <td>
      <code>
        5-20 mg
      </code>
      
       i.m. (pijnlijk!) of i.v., <strong>
        1-2× doseren
      </strong>
      
      , max <code>
        20 mg/dag
      </code>
    </td>
    
    <td>
      geen
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Delier met extreme angst/onrust, interfererend met medische behandeling
    </td>
    
    <td>
      <code>
        5 mg
      </code>
      
       i.v. in <code>
        5 min
      </code>
      
       (in NaCl 0,9%); herhaal iedere <code>
        30 min
      </code>
      
      , max <code>
        20 mg/dag
      </code>
    </td>
    
    <td>
      geen
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Onvoldoende resultaat van bovenstaande (alleen bij IC-bewaking, <strong>
        ECG!
      </strong>
      
      )
    </td>
    
    <td>
      continue infusie: <code>
        100 mg
      </code>
      
       haloperidol in <code>
        200 ml
      </code>
      
       NaCl 0,9%; <code>
        3-20 mg/uur
      </code>
      
       op geleide
    </td>
    
    <td>
      geen
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

<warning>

**Ouderen**: lager starten, lagere max-doseringen aanhouden. Continue
infusie alleen op IC met ECG-bewaking wegens `QTc`-risico.

</warning>

### Bijwerkingen haloperidol

<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      Categorie
    </th>
    
    <th>
      Bijwerkingen
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      Extrapiramidaal
    </td>
    
    <td>
      parkinsonisme, akathisie, acute dystonie
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Centraal / systemisch
    </td>
    
    <td>
      hyperthermie, <strong>
        maligne neuroleptisch syndroom
      </strong>
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Pulmonaal
    </td>
    
    <td>
      bronchiale hypersecretie
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      Cardiaal (hoge doseringen)
    </td>
    
    <td>
      <code>
        QTc
      </code>
      
      -verlenging, <strong>
        torsade de pointes
      </strong>
      
      , ventriculaire tachycardie, aritmie
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>

### Klassiek vs. atypisch: kanttekeningen

- **Klassieke antipsychotica** (haloperidol, pimozide, chloorpromazine,
zuclopentixol): uitgesproken **antidopaminerg (D2)**; meer
extrapiramidale bijwerkingen.
- **Atypische antipsychotica** (aripiprazol, clozapine, risperidon,
olanzapine, quetiapine): gerapporteerd minder EPS, mogelijk werkzamer
op negatieve symptomen.
- **Harde definitie van "atypisch" ontbreekt**; alleen voor **clozapine**
is bewijs uit studies met optimale dosis-vergelijking solide.
- Veel atypisch-vs-klassiek-studies vergeleken atypisch met **te hoge**
haloperidol-doseringen; EPS daar oververtegenwoordigd.
- **Negatieve symptomen** reageren op **lage** doseringen haloperidol;
hoge doseringen verergeren ze juist.

### Volgens Ray et al. 2009 (NEJM)

Sleutelbevindingen voor klinische besluitvorming:

- **Zowel typische als atypische antipsychotica** verhogen het risico op
plotse hartdood; atypisch is niet "veilig" op dit punt.
- Bij **clozapine** is de kans op overlijden door
**agranulocytose** groter dan door clozapine-gerelateerde plotse
hartdood; daarom is bloedmonitoring de primaire bezorgdheid.

## Therapeutisch doel

WHO 6-step, stap 2; vóór je de middelkeuze maakt:

1. **Opheffen** van de delirante staat door behandeling van de
onderliggende oorzaak.
2. **Symptoomcontrole**: voorkomen van angst, schade of gevaar; mogelijk
maken van noodzakelijke diagnostiek of behandeling.

Sedatie is **geen primair doel**. Sederen "om de patiënt rustig te
krijgen" zonder oorzaakanalyse mist de behandeling.

## Controles

- Klinisch beeld dagelijks; gebruik **DOSS** (Delirium Observatie Screening
Schaal) of **CAM** (Confusion Assessment Method)
- **ECG vóór start** haloperidol en bij dosisverhoging: `QTc`
- Vocht-, elektrolyt- en glucosebalans
- Mobilisatie en huidcontrole (decubitus)
- Bij effect en stabilisatie: haloperidol geleidelijk afbouwen

## Verwijzen of consulteren

- **Spoed**: neuroloog bij focale neurologische uitval; intensivist bij
hemodynamische instabiliteit of behoefte aan continue haloperidol-infusie
- **Neuroloog** bij ziekte van Parkinson: saneren van parkinsonmedicatie
- **Klinisch geriater / ouderenpsychiater** bij therapie-resistent of
pre-existente cognitieve stoornis
- **Verslavingsarts** bij onthoudingsdelier met polymiddelengebruik

## Casus: dhr. de Boer

<case-patient>
<template v-slot:algemeen="">
<table>
<thead>
  <tr>
    <th>
      <strong>
        kenmerk
      </strong>
    </th>
    
    <th>
      <strong>
        waarde
      </strong>
    </th>
  </tr>
</thead>

<tbody>
  <tr>
    <td>
      <strong>
        naam
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      Dhr. de Boer
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        leeftijd
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      72 jaar
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        beroep
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      gepensioneerd bouwkundig tekenaar
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        situatie
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      val van trapje → collumfractuur → vanmiddag geopereerd → orthopedie
    </td>
  </tr>
  
  <tr>
    <td>
      <strong>
        consult
      </strong>
    </td>
    
    <td>
      avonddienst; verpleegkundige vindt patiënt gedesoriënteerd
    </td>
  </tr>
</tbody>
</table>
</template>

<template v-slot:voorgeschiedenis="">

- maagklachten
- hypertensie

</template>
</case-patient>

<case-quiz>
<case-question>
<template v-slot:question="">

Wat is uw werkdiagnose-hypothese?

</template>

<template v-slot:answer="">

**Delirium** is de meest waarschijnlijke diagnose: post-operatief, oudere
patiënt, acuut gedesoriënteerd. **Dementie** hoort ook in de differentiaal;
kan pre-existent zijn of nu pas aan het licht komen. Beide worden in deze
casus als juist gerekend.

Psychose, persoonlijkheidsstoornis, dysthyme stoornis en fugue passen
klinisch niet bij dit acute beeld bij een 72-jarige zonder psychiatrische
voorgeschiedenis.

</template>

<template v-slot:sources="">

- [Aandoeningen → Delier](/aandoeningen/delier)

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Welke 4 vragen stel je om te differentiëren tussen delier en dementie?

</template>

<template v-slot:answer="">

De vier discriminerende vragen:

- Is de verwardheid **acuut begonnen** of was patiënt al langer vergeetachtig?
- Is de patiënt **alert of is er wisselend bewustzijn**?
- Is er sprake van **hallucinaties**?
- Is de patiënt **plukkerig**?

Vergeetachtigheid en oriëntatie-stoornis komen bij beide voor; niet
discriminerend. Acuut begin + fluctuerend bewustzijn zijn dat wél.

</template>

<template v-slot:sources="">

- [DSM-5 / Differentiatie](#differentiatie-delier-vs-dementie)

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

De verpleegkundige meldt: patiënt is wat suf en plukkerig, geen
duidelijke hallucinaties. Waarom is een patiënt plukkerig?

</template>

<template v-slot:answer="">

Twee gangbare oorzaken:

- **Hallucinaties**: patiënt grijpt naar wat hij ziet.
- **Desoriëntatie**: patiënt snapt de slangetjes en lijnen niet en
probeert ze te verwijderen.

CVA of paracetamol zijn geen plausibele oorzaken van plukgedrag.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Patiënt begroet je vriendelijk, weet waar hij is en welke dag. Sluit dit
delier uit?

</template>

<template v-slot:answer="">

**Nee.** Delier **fluctueert** over de dag. Een lucide moment met goede
oriëntatie sluit delier niet uit; eerder of later toch desoriëntatie en
plukkerigheid bevestigt het beeld.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Sluit het ook dementie uit?

</template>

<template v-slot:answer="">

**Nee.** Delier en dementie kunnen samen bestaan. Pre-existente dementie
is een **risicofactor** voor delier.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Mogelijke oorzaken van het delier bij dhr. de Boer?

</template>

<template v-slot:answer="">

- **Status na operatie**: somatische stressor + medicatie
- **Alcoholonthouding**: moet in differentiaal, ook zonder expliciete
anamnese; vraag uitvragen

Een voorgeschiedenis met depressie is geen *oorzaak*. Een vreemde
omgeving is een predisponerende **factor**, geen somatische oorzaak.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Wat is de belangrijkste behandeling van een delier?

</template>

<template v-slot:answer="">

**De onderliggende oorzaak opsporen en behandelen.** Antipsychotica en
niet-medicamenteuze maatregelen zijn ondersteunend. Sedatie is geen
doel op zich.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Dhr. de Boer krijgt NaCl 0,9% voor lichte dehydratie en `1 mg`
haloperidol a.n. Met welke bijwerkingen moet je rekening houden?

</template>

<template v-slot:answer="">

- **Verlengde QTc-tijd**: ECG vóór start en bij dosisverhoging
- **Stijfheid / extrapiramidale verschijnselen**: parkinsonisme,
akathisie, acute dystonie

Misselijkheid/braken en bradycardie horen niet bij het bijwerkingenprofiel
van haloperidol.

</template>
</case-question>

<case-question>
<template v-slot:question="">

Wanneer worden benzodiazepinen bij delier gegeven?

</template>

<template v-slot:answer="">

Primair bij **delier door alcoholonthouding** (samen met vitamine B1).
Niet als monotherapie bij Parkinson (daar atypisch antipsychoticum).
Niet "als haloperidol onvoldoende helpt"; additie bestaat wel maar is
geen primaire indicatie.

</template>
</case-question>
</case-quiz>

**Beloop:** delier verdwenen na enkele dagen → haloperidol afgebouwd →
overgeplaatst naar somatisch verpleeghuis voor revalidatie.

<bronnen>

## Bron

- [NVKG-richtlijn Delier 2020](https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/delier_volwassenen_en_ouderen/startpagina.html): actueel Nederlands richtlijn
delier bij volwassenen
- [NHG-Standaard Delier (M77)](https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/delier): huisartsenzorg-perspectief
- [CBO-richtlijn Delirium 2005](https://www.nvvp.net/website/onderwerpen/detail/richtlijn-delirium): oorspronkelijke bron voor
algoritme + doseringen in deze module
- [FK: haloperidol](https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/preparaatteksten/h/haloperidol): preparaattekst Farmacotherapeutisch Kompas
- [Ray et al. 2009 NEJM](https://www.nejm.org/doi/full/10.1056/NEJMoa0806994): *Atypical antipsychotic drugs and the
risk of sudden cardiac death*
- [Ray editorial NEJM 360:294](https://www.nejm.org/doi/full/10.1056/NEJMe0810685)
- [*Leerboek Psychiatrie*](https://www.boomhogeronderwijs.nl/product/100-7430_Leerboek-psychiatrie): Hengeveld & van Balkom (red.)
- [Thuisarts: delier](https://www.thuisarts.nl/delier): patiëntinformatie

</bronnen>
